Juli 2016
DGA’s mogen PEB afstempelen naar fiscale waarden
Tijdens het overleg met de vaste commissie voor Financiën op 23 maart 2016 kondigde de Staatssecretaris van Financiën Wiebes binnen twee weken een brief met meer informatie aan. Deze brief is 1 juli jl. uiteindelijk verstuurd.
Tijdens het overleg van 23 maart werd de voorkeur van de Staatssecretaris en de Tweede kamer al duidelijk gemaakt. Beide partijen willen het liefst van het pensioen in eigen beheer af. Uitfaseren heet dat in politiek jargon. In de brief van 1 juli jongstleden kondigt Wiebes aan op prinsjesdag met een wetsvoorstel te komen. De inhoud van dit wetsvoorstel mag nauwelijks nog een verrassing heten. De hoofdlijnen staan beschreven in het verslag van het schriftelijk overleg van 16 maart jl. en in het overleg van 23 maart met de commissie.
Per 1 januari 2017 mogen DGA’s zonder fiscale gevolgen de commerciële waarde van de pensioenvoorziening afstempelen naar de fiscale waarde. Vervolgens heeft de DGA een keuze. Hij mag de pensioenverplichting afkopen of hij zet de pensioenverplichting om in een spaarvoorziening.

Afkoop
Kiest de DGA voor afkoop dan is loonbelasting verschuldigd. Revisierente is niet aan de orde. Bij afkoop krijgt de DGA een korting. Over een deel van de afkoopwaarde hoeft de BV geen loonbelasting af te dragen. In het overleg van 23 maart was nog sprake van een korting van 20% of 30%. Wiebes stelt nu een overgangstermijn voor van drie jaar waarin de DGA de gelegenheid krijgt om voor afkoop te kiezen. Kiest de DGA in 2017 voor afkoop dan bedraagt de korting 34,5% en is over 65,5% loonbelasting verschuldigd. In 2018 bedraagt de korting 25% en in 2019 vervolgens 19,5%. Voor het bepalen van de afkoopwaarde geldt de fiscale balanswaarde van de pensioenverplichting van 31 december 2015. Hiermee wil de Staatssecretaris anticipatie-effecten voorkomen.

Voorbeeld
Jurgen is DGA. Hij bouwt al een aantal jaren pensioen in eigen beheer op. De fiscale waarde van de pensioenverplichting bedroeg op 31 december 2015 € 300.000. De commerciële waarde bedroeg € 600.000. Jurgen besluit de pensioenverplichting af te stempelen naar de fiscale waarde. Als hij vervolgens besluit in 2017 ook af te kopen dan houdt de BV over een bedrag van 65.5% x € 300.000 = € 196.500 loonbelasting in. Bij een tarief van 52% betekent dit een heffing van € 102.180. Wacht Jurgen een of twee jaar met afkopen dan bedraagt de heffing in 2018 € 117.000 en in 2019 € 125.580. De belastingdruk bedraagt dus in 2017 34,06%, in 2018 39% en in 2019 41,86%.

 
Spaarvariant
De DGA kan ook kiezen om de pensioenverplichting om te zetten in een spaarvariant. Volgens de Staatssecretaris zal de DGA hier voor kiezen als de BV niet voldoende middelen heeft om bij afkoop de verschuldigde loonbelasting af te dragen. In de brief van 1 juli jl. besteed Wiebes niet veel aandacht aan de spaarvariant. Wat we al wisten van deze variant is dat aan deze spaarvoorziening niets meer mag worden toegevoegd. Wel zal de voorziening jaarlijks moeten worden opgerent. Belangrijkste voordeel is dat ook in deze variant weer dividenduitkeringen aan de DGA mogelijk zijn.

Tarief vennootschapsbelasting
Wiebes verwacht veel van de afkoopregeling. In de begroting van 2017 houdt hij zelfs rekening met een positief effect van 2 miljard. In zijn brief besteed hij vervolgens ook nog aandacht aan de mogelijkheden die de DGA heeft om een oudedagsvoorziening op te bouwen. Terecht stelt Wiebes dat dit ook mogelijk is door in de BV netto vermogen op te bouwen en later als dividend aan de DGA uit te keren. De staatssecretaris belooft de opbouw van vermogen in de BV te stimuleren door de eerste schijf in de vennootschapsbelasting op te rekken. Nu betaalt een BV over de eerste € 200.000 winst 20% vennootschapsbelasting. In 2018 wordt de eerste schijf verlengd van € 200.000 naar € 250.000 en 2021 naar 350.000.

Partner
In de bijlage bij zijn brief van 1 juli geeft de Staatssecretaris antwoord op de vragen die tijdens het overleg van 23 maart 2016 gesteld zijn door de leden van de vaste commissie. Hierin komt ook weer de positie van de partner aan de orde.
De positie van de partner blijft een hoofdbreker. De partner moet toestemming geven voor het verlies van zijn rechten. De vraag is hoe hier mee om moet worden gegaan. Ook nu blijkt weer dat Wiebes hiervoor geen oplossing heeft. Hij geeft aan dat uitfasering van het pensioen in eigen beheer ook in het belang van de partner is. Daarmee kan de partner volgens Wiebes wellicht worden overgehaald om mee te werken. Uiteraard is het volgens Wiebes altijd mogelijk de partner te compenseren voor het verlies van rechten. Hoe dit dan moet, laat de Staatssecretaris in het midden.
Wiebes realiseert zich dat niet alle partners met afstempeling van de pensioenaanspraken zal instemmen. In dat geval blijft het pensioen in eigen beheer na 1 januari 2017 bestaan en worden de opgebouwde rechten bevroren.

In de praktijk
Het ziet er naar uit dat eindelijk de kogel door de kerk is. Nu de contouren van de nieuwe wetgeving bekend zijn, kunnen de accountant, financieel planner en pensioenadviseur aan de slag. Iedere DGA met een pensioenvoorziening in eigen beheer moet immers beslissen wat hij wil.
Afstempelen van de huidige pensioenvoorziening naar de fiscale waarde ligt voor de hand. Hierbij moet nadrukkelijk aandacht besteed worden aan de positie van de partner. Je kunt je afvragen of de partner door dezelfde adviseur geadviseerd kan worden als de DGA.
Vervolgens moet een keuze worden gemaakt voor afkoop of omzetten in een spaarvariant. Fiscale argumenten zijn hierbij belangrijk, maar hoeven niet doorslaggevend te zijn. Het gaat om de wensen en doelstellingen van de DGA. Misschien wil hij wel gewoon af zijn van het hele gedoe rondom pensioen.

Voorbeelden van situaties waarbij afkoop voor de DGA interessant kan zijn:
• De DGA met een (grote) rekening courantschuld bij zijn BV;
• De DGA die zijn hypotheek wil oversluiten of vervroegd wil aflossen;
• De DGA die een duidelijke bestemming heeft voor de uit de afkoop vrijkomende liquide middelen.

Uiteindelijk moet de DGA met zijn adviseur bespreken hoe hij een eventuele opbouw van een oudedagsvoorziening nu verder ziet. Wil hij in zijn BV vermogen opbouwen en dit straks als dividend uitkeren? Wil de DGA misschien extern een oudedagsvoorziening opbouwen? De DGA kan ook kiezen om nu al zoveel mogelijk liquiditeiten uit te keren en in box 3 te gaan beleggen. Van belang is om in deze analyse ook de inkomensrisico’s zoals overlijden en arbeidsongeschiktheid mee te nemen.

November 2015
Meldplicht datalekken: de gevolgen voor uw bedrijf

De meldplicht datalekken wordt op 1 januari 2016 van kracht. De meldplicht zal grote gevolgen hebben. Organisaties zijn immers geneigd om een datalek zo weinig mogelijk publiciteit te geven vanwege reputatie- en imagoschade. Door de meldplicht zal aan meer incidenten ruchtbaarheid moeten worden gegeven.

Wat houdt de meldplicht in?

De plicht houdt in dat bedrijven en overheden direct een melding moeten doen bij het College bescherming persoonsgegevens (CBP) - vanaf 2016  Autoriteit Persoonsgegevens - zodra zij een ernstig datalek hebben. Ernstig betekent in dit verband dat er kans is op verlies of onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens. Het wetsvoorstel is bedoeld als aanscherping van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), met oog op de toenemende cybercriminaliteit en privacy-inbreuken.

Informeren betrokkenen

In sommige gevallen moeten ook de betrokkenen worden geïnformeerd over het datalek, maar alleen als zo’n lek waarschijnlijk ongunstige gevolgen heeft voor de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene. Als een medewerker bijvoorbeeld zijn mobiel met inlogbeveiliging heeft verloren, waarop een aantal telefoonnummers staan van mensen uit zijn netwerk, dan niet. Als een hacker inbreekt in een databestand of bij diefstal van een USB stick of laptop met gevoelige informatie (zoals inloggegevens en gegevens die kunnen worden misbruikt voor identiteitsfraude), dan wel.

Kans op hoge boetes

De dreiging van het ten onrechte niet melden van een datalek is groot. Komt het CBP erachter, dan volgt er een boete, variërend van maximaal 20.250 euro in de laagste categorie tot maximaal 810.000 euro in de hoogste (zesde) categorie. Mogelijk geldt per 1 januari 2016 zelfs een hoger bedrag. De boete valt hoger uit als er sprake is van nalatigheid en slecht geregelde ict-beveiliging.

Bron: KOSTER verzekeringen

Februari 2015

Fiscale en sociale cijfers 2015
Zoals ieder jaar informeren wij u over de aangepaste fiscale en sociale cijfers. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid stelt de bedragen meestal elk halfjaar opnieuw vast. Per 1 januari 2015 zijn de volgende bedragen van toepassing:

AOW-franchise
AOW-franchise ‘Witteveen 2014’:   € 13.545,--
AOW-franchise ‘Witteveen 2015’:   € 12.642,--
De AOW-franchise Witteveen 2014 wordt berekend door 10/7 maal de som van de zelfstandige AOW-uitkering voor een gehuwde persoon te nemen. Nieuw is de mogelijkheid om als franchise 100/75 maal de zelfstandige AOW-uitkering voor een gehuwde persoon aan te houden (Witteveen 2015).

Uitkeringen AOW
Gehuwd:   € 9.481,32
Ongehuwd:   € 13.866,24
De hierboven genoemde bedragen zijn bruto per jaar inclusief vakantietoeslag en exclusief de inkomensondersteuning voor ouderen. Deze tegemoetkoming valt buiten de vaststelling van de franchisebedragen.

Uitkeringen ANW
Nabestaandenuitkering :   € 14.658,64
Uitkering wees tot 10 jaar :   € 4.690,80
Uitkering wees 10 tot 16 jaar :   € 7.036,20
Uitkering wees 16 tot 21 / 27 jaar :   € 9.381,48
De hierboven genoemde bedragen zijn bruto per jaar inclusief vakantietoeslag en exclusief de inkomensondersteuning voor ouderen. Deze tegemoetkoming valt buiten de vaststelling van de franchisebedragen.

Maximum WIA uitkerings- en premieloon
Maximum dagloon per jaar :   € 51.978,15
Maximum premieloon per jaar :   € 51.976,--

Minimumloon
Per jaar :   € 19.463,33 *
* Dit is het minimumloon voor een werknemer van 23 jaar of ouder inclusief vakantietoeslag bij een volledig dienstverband. De hoogte van dit bedrag zal per 1 juli 2015 weer wijzigen, afhankelijk van de gemiddelde ontwikkelingen van de lonen.


Oktober 2014
Afstandsverklaring pensioenregeling niet meer mogelijk
Met de collectieve pensioenregeling biedt u uw medewerkers een uitstekende secundaire arbeidsvoorwaarde. Er zijn echter medewerkers die in het verleden de keuze maakten niet deel te nemen. Dit deden zij door middel van een afstandsverklaring. Hier zitten echter haken en ogen aan en het is raadzaam deze medewerkers hier op te attenderen.

Wanneer een medewerker door middel van een afstandsverklaring aan heeft gegeven dat hij of zij niet deel wenste te nemen aan de pensioenregeling, wordt door hem of haar geen aanvullend pensioen opgebouwd. Dit heeft echter ook gevolgen voor de eventuele partner en kinderen (nabestaandenpensioen). Daarom moest, indien aanwezig, de partner ook altijd meegetekend hebben op de afstandsverklaring.

Deelname verplicht stellen
Deelname aan de pensioenregeling wordt tegenwoordig verplicht gesteld. Er is geen ruimte voor afstand doen, tenzij een medewerker door de Sociale Verzekeringsbank als 'gemoedsbezwaarde' wordt erkend. Een goede zaak, want door de mogelijkheid te bieden een afstandsverklaring te tekenen, kunnen op de langere termijn conflicten ontstaan. Bovendien is de kans groot dat de (nabestaande van een) medewerker later met een inkomensgat te maken krijgt. Omwille van onderstaande 3 punten hanteren pensioenuitvoerders en werkgevers het beleid om deelname verplicht te stellen en dit op te nemen in de Uitvoeringsovereenkomst.

1. Inkomensgat nabestaanden
 Het ontbreken van een nabestaandenpensioen door een afstandsverklaring wanneer een medewerker voortijdig komt te overlijden, zorgt vooral voor problemen. De nabestaande geeft bijvoorbeeld aan dat hij of zij zich niet goed realiseerde waarvan afstand werd gedaan en om welke bedragen het precies ging. Het niet ontvangen van een levenslang nabestaandenpensioen kan in de praktijk al gauw oplopen tot enkele tonnen tot een miljoen als deze levenslange uitkering wordt gekapitaliseerd.

2. Jurisprudentie
Uit jurisprudentie blijken rechters hier ook gevoelig voor. De werkgever moet dan voor de rechter aantonen dat de medewerker bewust afstand heeft gedaan van de pensioenregeling. •Kende de medewerker alle consequenties van het weigeren van de pensioenregeling (is kwalitatief en kwantitatief inzicht geboden)?
•Was de partner het hier ook volledig mee eens en realiseerde hij/zij zich ook goed waarvan eigenlijk afstand werd gedaan?
•Was de handtekening van de partner eigenlijk wel echt die van de partner (dus rechtsgeldig)?
•Heeft de werkgever jaarlijks gecheckt of de persoonlijke (gezins)situatie is gewijzigd (denk bijvoorbeeld aan geboorte, verlies baan van de partner etc.) waardoor men in de gewijzigde situatie wellicht tot andere inzichten zou zijn gekomen?
Als deze vragen niet overtuigend kunnen worden beantwoord, is in zo'n geval de werkgever aansprakelijk omdat de medewerker en partner niet voldoende zijn geïnformeerd. Dit betekent een hoge claim die de continuïteit van het bedrijf in gevaar kan brengen.




Mei 2014
Veranderingen Witteveen 2015 op een rij
Na de Tweede Kamer heeft ook een meerderheid van de Eerste Kamer steun gegeven aan het wetsvoorstel Wet verlaging maximum opbouw- en premiepercentages pensioenen en maximering pensioengevend inkomen. De aanpassingen als gevolg van deze wet staan ook wel bekend als Witteveen 2015. Hieronder leest u wat door Witteveen 2015 per 1 januari 2015 verandert.

Beperking van de pensioenopbouw in de tweede pijler
•Het nieuwe uitgangspunt voor de pensioenopbouw is dat in 40 jaar een pensioen van 75% van het gemiddelde verdiende loon wordt opgebouwd. Daarbij zijn de opbouwpercentages per dienstjaar 1,875% voor middelloon en 1,657% voor eindloon. De maximumopbouw voor het partner- en wezenpensioen wordt gelijkwaardig verlaagd.
•Voor beschikbare premieregelingen gelden nieuwe (uitsluitend netto) staffels. Later dit jaar wordt een nieuw staffelbesluit uitgegeven.
•Het pensioengevend loon wordt gemaximeerd op € 100.000 (aftoppingsgrens). De aftoppingsgrens wordt jaarlijks verhoogd volgens de contractloonontwikkelingscorrectie. Dit is de mate waarin het wettelijk minimumloon in een kalenderjaar is gestegen.
•De aftoppingsgrens van € 100.000 geldt niet voor arbeidsongeschiktheidspensioen.
•Voor verzekerde regelingen die op 31 december 2014 of eerder door arbeidsongeschiktheid (geheel of gedeeltelijk) premievrij zijn, verandert de pensioenopbouw voor het vrijgestelde deel niet.
•Er gaat een nieuwe, lagere fiscaal minimale franchise gelden. Deze is gebaseerd op 100/75 van de enkelvoudige AOW voor een gehuwde, inclusief vakantietoeslag. Dit zou neerkomen op een bedrag van € 12.552,-. In veel pensioenregelingen geldt momenteel een aftrek van € 13.449 (2014). Door een lagere franchise/aftrek aan te houden, kan over een groter deel van het salaris pensioen worden opgebouwd. Een lagere dan fiscaal minimaal voorgeschreven franchise blijft mogelijk, als de jaarlijkse opbouw lager dan fiscaal maximaal is.
•De toets op actueel loon op eventmomenten en de overige voorwaarden, die gelden bij een 3% rekenrentestaffel, blijven gehandhaafd.

Beperking van FOR dotatie en lijfrenteaftrek
•De fiscale oudedagsreserve (FOR) en de lijfrenteaftrek worden in lijn met verlaagde pensioenopbouw in de tweede pijler aangepast. Voor de FOR is de maximale toevoeging 9,8% van de winst, maar niet meer dan € 8.640 (2015). De berekening van de jaarruimte voor de lijfrenteaftrek luidt: (13,8% x premiegrondslag) - (6,5 x factor A) - FOR dotatie.
•Voor de premiegrondslag in de jaarruimteberekening geldt dat het inkomen van maximaal € 100.000 in aanmerking wordt genomen. Het inkomen voor de premiegrondslag wordt verminderd met een bedrag van € 11.829 (2015). Hierdoor is de premiegrondslag nooit meer dan € 100.000 min € 11.829 = € 88.171.
•De inkomensgrens van € 100.000 waarop de lijfrenteaftrek wordt gebaseerd, wordt jaarlijks verhoogd op basis van de contractloonontwikkelingscorrectie.
 
Netto lijfrente in de derde pijler voor het inkomen boven € 100.000
•Voor het inkomen boven de aftoppingsgrens van € 100.000 komt een nieuwe spaarmogelijkheid op vrijwillige basis: de netto lijfrente. Deze netto lijfrente is grotendeels vergelijkbaar met een jaarlijkse bruto pensioenopbouw van 1,875% van het gemiddeld verdiende inkomen boven de aftoppingsgrens.
•De maximaal beschikbare premie voor de netto lijfrente is leeftijdsafhankelijk. Het uitgangspunt is het meest recente staffelbesluit voor pensioenregelingen op basis van een beschikbare premie. De hoogste staffelpercentages moeten worden vermenigvuldigd met 0,48 en met het inkomen boven de aftoppingsgrens van € 100.000.
•De premie is niet aftrekbaar en wordt betaald vanuit het netto loon.
•De aanspraak (de netto lijfrente) is vrijgesteld in box 3. De uitkering uit die aanspraak is niet belast in box 1.
•Afkoop van de netto lijfrente is niet toegestaan. Bij schending van de lijfrentevoorwaarden vervalt de vrijstelling in box 3 voor de gehele netto lijfrente-aanspraak.
•De uitkeringen moeten voldoen aan de bestaande fiscale voorwaarden voor een (tijdelijke) oudedagslijfrente.
•De netto lijfrente kan alleen worden uitgevoerd door een verzekeraar (lijfrenteverzekering), bank (lijfrenterekening) of beleggingsinstelling (lijfrentebeleggingsrecht).
•De netto lijfrente is op dezelfde manier vrijgesteld van erfbelasting als de bruto (dus wel aftrekbare) lijfrente.
•Voor de netto lijfrente die aangeboden wordt in de derde pijler, gaat een renseigneringsplicht gelden. Dit betekent dat de uitvoerder de door de Belastingdienst gevraagde gegevens aan de Belastingdienst moet opgeven.


Bron: Zwitserleven, 27 mei 2014

April 2014
Geld voor elkaar
Sinds april 2014 zijn wij intermediair geworden voor www.geldvoorelkaar.nl 

Wat is Geldvoorelkaar.nl?
Geldvoorelkaar.nl is het grootste crowdfunding platform in Nederland. Dit platform brengt geldgevers en -leners bij elkaar. In plaats van een beroep op uw bank, doet u een beroep op mensen.
Uitgangspunt is een win-winsituatie. De geldlener krijgt een lagere rente en de geldgever een hoger rendement.

Waarom Geldvoorelkaar.nl?
Geldvoorelkaar.nl is opgezet door twee oud-bankdirecteuren. Zij weten hoe stroef het verstrekken van een krediet verloopt en weten dat  het rendement op uw belegging  zwaar tegenvalt. Zij bieden hiervoor een alternatief. Zij maken lenen en investeren door crowdfunding weer interessant. Of het nu gaat om een particulier, een microkrediet of een lening voor het mkb. U kunt via crowdfunding alternatief beleggen.
 
Slimmer investeren & goedkoop lenen
Via dit crowdfunding platform leent u, samen met andere particulieren en bedrijven, geld aan elkaar op basis van een contract. Als investeerder weet u precies waarin u investeert en wanneer de lener betaalt. Als lener bepaalt u zelf het geldbedrag, de jaarrente en de looptijd.

Uw voordelen:
• Transparant: u heeft 100% inzage in de kosten.
• Goedkoop: in vergelijking met kredietverstrekkers zijn uw kosten laag.
• Meer dan 90% van de projecten wordt succesvol gefund.
• Beter resultaat: de geldlener krijgt lagere rente en de geldgever een hoger rendement.

Meer weten? Neem contact met ons op tel. 0111-658522 of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

November 2013
De Europese Centrale Bank (ECB) verlaagt het belangrijkste rentetarief van 0,5 naar 0,25 procent. De rente bereikt daarmee het laagste niveau ooit in de geschiedenis van de muntunie. Het halve procent, dat begin mei van dit jaar werd ingevoerd, werd al als historisch laag beschouwd, de centrale bank scherpt dit percentage tegen de verwachting van analisten nog verder naar beneden aan.


Oktober 2013
Heeft u een Land Rover, met als type Range Rover en de Range Rover Sport, bouwjaar 2012 en 2013, dan bieden wij u bij het afsluiten van een Topklasse polis een gratis Spotguard aan. 

De Spotguard is een uniek product, in tegenstelling tot de standaard track en trace systemen is deze niet voorzien van gps en gsm/gprs maar van gsm/gprs en radio frequentie. Steeds vaker blijkt namelijk dat criminelen het gps signaal en gsm signaal storen, waardoor traceren niet meer mogelijk is. Op dat moment verwacht een crimineel dat hij een aanwezig traceersysteem uitgeschakeld heeft. Dan bewijst de Spotguard echter zijn specifieke meerwaarde.

Hoe vraagt u dit systeem aan? U kunt contact opnemen met het bedrijf Fridon. Een onderzoeksbureau gespecialiseerd in diefstal onderzoeken. Zij plaatsen de Sportguard in korte tijd op de gewenste locatie in de auto. Wij verwijzen u graag naar de website: www.fidron.nl.
De kosten zijn voor rekening van de verzekeraar.

Vragen? 
Heeft u vragen neem dan contact op met onze auto afdeling op telefoonnummer 0111-658522








 
Geef Financieel Helder een beoordeling op Advieskeuze.nl
 
 
 

Zoeken

Informatie

Financieel Helder

Postadres:
Postbus 6 
4328 ZG Burgh-Haamstede

Bezoekadres: 
Roterij 40
4328 BA Burgh-Haamstede

t 0111 65 85 22 
f 0111 65 85 23 
m 06 28596146

Skype alexander.kobessen
i www.financieelhelder.nl
info@financieelhelder.nl

Privacybeleid